Gisten en schimmels: houd ze uit je varkensvoer

Met het stijgen van de buitentemperatuur verbeteren de leef- en groeiomstandigheden van gisten en schimmels. Dit vraagt om extra aandacht. Want, hoe klein ze ook zijn; onderschat de impact van gisten en schimmels niet. Niet hun minimale omvang maar het grote aantal, maakt van hen verraderlijke kostgangers.

Omdat gisten en schimmels aanvankelijk niet met het blote oog zichtbaar zijn, kunnen ze een grote impact hebben op de gezondheid van jouw varkens, de voerkwaliteit en daarmee op de technische resultaten. Gisten en schimmels zijn in bepaalde mate overal aanwezig, maar je kunt ze met de juiste voorzorgsmaatregelen vaak wel de baas blijven. Hoe zat het ook alweer?

Gisten; ingenieuze microfabriekjes

Gisten kun je vergelijken met ingenieuze micro-fabriekjes die op hun voedingsbodem verblijven.  Sommigen hebben in een specifiek milieu nuttige eigenschappen. Bijvoorbeeld, wanneer ze in een anaerobe omstandigheid suikers omzetten in alcohol en koolstofdioxide. Hierdoor zijn ze onmisbaar bij de bereiding van bier of wijn of het laten rijzen van deeg voor de bereiding van brood. Wanneer het proces plaatsvindt in aerobe omstandigheid, wordt azijnzuur, melkzuur of methanol geproduceerd. In dat geval zijn gisten ongewenst omdat zij hun voedingsbodem verteren en daarbij schadelijke/niet smakelijke producten vormen. Hierdoor daalt de voederwaarde. Ook de opname van het voedermiddel neemt af door een afwijkende smaak. Dit gaat uiteindelijk ten koste van het rendement. Gisten gedijen over het algemeen het best bij een temperatuur van 15-30 graden en in een lichtzuur milieu. Er zijn veel soorten.

Gisten leven in anaerobe of aerobe omstandigheden. Dit betekent dat zij zowel met als zonder zuurstof overleven. In aerobe omstandigheden is de groei en vermenigvuldiging meestal het hoogst. Overmatige groei van gisten in vloeibare voedermiddelen herken je aan:

  • Drukverhoging;
  • Schuimvorming;
  • Verminderde smakelijkheid voedermiddel;
  • Sterke afname van de voederwaarde en voeropname;
  • Verlies van essentiële aminozuren, vitaminen en energie;
  • Afname van het droge stofgehalte. (DS%)

Gisten de baas

Gisten voeden zich bij voorkeur met enkelvoudige koolhydraten/suikers. Door te zorgen voor een voor gisten ongunstige (lage)pH, rem je de groei. Dit kan door het toevoegen van organische zuren, zoals: melkzuur, propionzuur en mierenzuur. (Er zijn echter gisten die hier weinig hinder van ondervinden) Ook indroging helpt de voorplanting van gisten te remmen. Daarnaast is een goede hygiëne essentieel. Laat daarom silo’s regelmatig leegkomen en reinig ze grondig. Voer je met een brijvoerinstallatie? Reinig deze regelmatig grondig, controleer het leegkomen van de POS tank en of de installatie voldoende gespoeld wordt. Tenslotte: is er kans op doorenting in nieuwe producten? Doorbreek dat!

Schimmels

Schimmels komen op vrijwel alle landbouwgewassen voor. Het zijn meercellige organismen en groeien vooral aan de oppervlakte van gewassen en diervoeders, in vochtige omstandigheden. Ze zijn aeroob en hebben zuurstof nodig om in leven te blijven en om te kunnen groeien. De meesten bestaan uit draden en leven in en op hun voedsel. Zijn de organische moleculen voor schimmels te groot om te verteren, dan scheiden schimmels spijsverteringsenzymen uit die de moleculen afbreken in kleinere eenheden die zij wel kunnen opnemen. De nutritionele afbraak die plaatsvindt door schimmels veroorzaakt de afname van smaak en geur van het voer.

Invloed van mycotoxinen

Hoewel ze langzamer groeien dan bacteriën, kunnen ze vaak in voor bacteriën minder geschikte omstandigheden groeien. Denk aan een omgeving die te droog, te zoet of te zuur is voor een bacterie. Ze leven vaak met gisten in biofilms op de oppervlakten. Zodra de luchtvochtigheid en temperatuur geschikt is, gaat schimmel groeien door het verteren van organisch materiaal. Hierbij komen mycotoxinen vrij, ook wel schimmelgif genoemd. Ook als de schimmel voor het blote oog nog niet zichtbaar is, vormen zij mycotoxinen. De Romeinen beschreven de giftige werking van mycotoxinen zelfs al. Zij beschreven het verband tussen moederkoren en het afsterven van vingers en tenen. Ook nu komt de relatie tussen mycotoxinen en de varkenshouderij in veel literatuur aan bod.

Enkele voorbeelden:

  • Vruchtbaarheidsproblemen bij zeugen veroorzaken (bv. Zearalenon (ZEA));
  • Verlaagde voeropname (Deoxynivalenol (DON));
  • Verlaagde immuniteit;
  • Verminderde orgaanfuncties;
  • Oedeemvorming;
  • Maagzweren;

Op basis van wetenschappelijk onderzoek naar de effecten van mycotoxinen zijn voor de veevoerindustrie maximale waarden vastgesteld. We kunnen ons afvragen hoeveel invloed mycotoxinen nog hebben op de prestaties van de dieren bij de huidige normen. Omdat ondernemers willen presteren op het hoogste niveau, leggen we de lat steeds hoger. Door de complexiteit van schimmels en het mechanisme van mycotoxinen in het dier, is de inzet van end-of-pipe oplossingen, zoals mycotoxinebinders en/of het schonen van grondstoffen, vaak niet voldoende. De inzet van schone grondstoffen is daarom steeds belangrijker. De Food-For-Feed®- grondstoffen die Nijsen/Granico inzet voldoen aan de strenge normen uit de humane voedingsindustrie. Met deze grondstoffen zijn we in staat de mycotoxinewaarden ver terug te dringen.

Grip op schimmelvorming

Schimmels voeden zich met organisch materiaal. Omdat zij zuurstof nodig hebben om te kunnen overleven, kun je schimmelgroei remmen door ze af te sluiten van zuurstof. Ook drogen en het gebruik van schimmelremmers kan de groei remmen. Schimmelremmers zijn vaak organische zuren. De onderstaande factoren spelen een rol bij mycotoxinevorming tijdens de opslag:

  • Temperatuur;
  • Hygiëne;
  • Vocht;
  • Duur van de opslag;

Zijn er vóór conservering mycotoxines aanwezig, dan blijven deze tijdens en na het conserveringsproces aanwezig.

Hygiënemaatregelen

Maatregelen om de groei van gisten en schimmels te beperken:

  • Reinig regelmatig de opslagruimte van grondstoffen;
  • Bij natte producten: wissel bij elke levering van silo;
  • Is het niet mogelijk om de opslag te wisselen en reinigen (brijvoer), voeg dan wat zuur aan de restgrondstof toe om negatieve overenting te voorkomen.
  • Laat product leveren in schone silo’s.

Strakke controle door Nijsen/Granico op gisten en schimmels

Omdat gisten en schimmels een negatieve invloed hebben op de voerkwaliteit, onderzoekt Nijsen/Granico haar Food-producten wekelijks op gisten en schimmels. Uit deze onderzoeken blijkt dat het aantal gisten en schimmels steeds laag blijft. We hechten veel waarde aan een tevreden ondernemer. Om de kwaliteit van onze producten zoveel mogelijk te waarborgen, leveren we onze producten met eigen vervoer. Om de producten ook tijdens bewaring op het erf van de ondernemer zo goed mogelijk te houden, bieden wij een siloplanner aan. Met deze siloplanner krijg je meer grip op silo hygiëne en verklein je de kans dat gisten en schimmels je overvallen.