De wereld voeden

Heel veel grond en water heb je nodig om granen en soja te verbouwen zodat je 20 miljard dieren kunt houden voor vlees, melk en eieren. (tegelijkertijd lijden 800 miljoen mensen honger).

Wereldwijd wordt de landbouw verantwoordelijk gehouden voor een kwart van de uitstoot van broeikasgassen.
Veehouderij en boskap om plaats te maken voor landbouw, dragen hier vooral aan bij.
Gelukkig is er overal op de wereld steeds meer aandacht voor `klimaatslimme` landbouw door bomen te planten bij landbouwgrond.

Steeds meer aandacht voor `klimaatslimme` landbouw

meer

Verdeling landbouwgrond wereldwijd

Hoeveel eten dieren?

Hoe minder voer een dier nodig heeft om
een kilo aan te komen, melk te geven of eieren te produceren,
hoe beter dat is voor het milieu.

Dieren doen de restjes

Vroeger scharrelden varkens en kippen rond op het erf en aten wat ze tegenkwamen.
De schillenboer haalde in de stad de restjes op en gaf ze aan zijn dieren.

Beter voor het milieu

Landbouw was voor de mensen, de reststromen van het land waren voor de dieren.
Varkens en kippen die ons voer eten, eten ook de restjes.

Lagere Carbon Footprint

Door hoogwaardige reststromen uit de levensmiddelenindustrie te verwerken in diervoeders,
kunnen we de Carbon Footprint van ons voer aanzienlijk laten dalen.
Op deze manier importeren we minder grondstoffen.
Zo `gebruiken` we minder landbouwgrond en verlagen we de CO2 uitstoot aanzienlijk.

Zo voeren wij de dieren

Varkens en Kipster –kippen eten hoogwaardig voer dat
is gemaakt van restjes die mensen niet eten.