Nederlands Deutsch Fran├žais English

Groei is voor veel gezinsbedrijven niet de toekomst

Er is een interview met Bram Jansen op boerderij.nl verschenen naar aanleiding van het event "Ondernemen in de varkenshouderij". Hoe kan een varkenshouder zich op de toekomst voorbereiden? En welke vragen moeten daarvoor beantwoord worden?

‘Groei is voor veel gezinsbedrijven niet de toekomst’

Alleen gezinsbedrijven die doelgericht inspelen op de toekomst en hele grote bedrijven die zich nog verder ontwikkelen zijn in de toekomst succesvol, voorspelt Bram Jansen van diervoederproducent Nijsen/Granico.

“Veel ondernemers in de varkenshouderij leven bij de waan van de dag”, stelt Bram Jansen, hoofd verkoop bij Nijsen/Granico. Dat wil zeggen dat ze taakgericht bezig zijn met het dagelijkse werk en daardoor ongemerkt hetzelfde blijven doen zonder vooruitgang te boeken. Ze zouden goed moeten nadenken over de toekomst. Dan is groeien lang niet altijd een optie. “De generatie waaruit ik kom, wilde alleen maar groeien in aantallen. Die tijd is voor de gezinsbedrijven voorbij”, verwacht Jansen. Als ze alleen op groei focussen, ziet hun toekomst er moeizaam uit. “Ondernemers in de varkenshouderij moeten wakker worden geschud om die race naar het einde te kunnen keren.”

 

 

Hele grote bedrijven die verder groeien, hebben in uw visie wel toekomst. Om welke bedrijven gaat het dan?

“Om zo’n 10% van de bedrijven, die zeer efficiënt opereren en die mogelijk ook nog een of meer bedrijven in het buitenland hebben. Zij hebben eerder de stap gezet van een paar honderd zeugen naar enkele duizenden, vaak in gesloten structuren. Die ondernemers zijn goed onderlegd. Ze weten wat er in de wereld speelt, zijn zeer efficiënt, willen werken zonder te veel ditjes en datjes en ze leveren grote aantallen, waardoor ze ten opzichte van de toe- en afnemende bedrijven een partner zijn. Zij profiteren van de kwantumtoeslagen. Deze groten gaan doorontwikkelen en nemen een aanzienlijk deel van de varkensproductie in Nederland voor hun rekening. Hoeveel is lastig in te schatten.”

Wat is heel groot?

“Moeilijk te zeggen. Toen ons bedrijf tien jaar geleden naar 600 zeugen gesloten ging, was dat een behoorlijk bedrijf. Nu zijn er zeugenhouders die het met 600 zeugen niet gaan redden. Vorig jaar zag je de groten weer stappen met groei zetten. Het gaat door.”

Welke strategie moeten zij uitstippelen?

“Ze kunnen kijken of ze het als groeiend bedrijf, als team en als persoonlijke ondernemer aankunnen. Voor hen is verbetering van efficiency heel belangrijk.”

Nog niet zo heel lang geleden ging het bij die verbetering van technische resultaten om veel grotere stappen: een of twee biggen erbij. Nu is het net de 100 meter sprint met tienden of nog minder erbij.

“Zo kun je het zien. Het zijn kleine stapjes, het is steeds moeilijker om te verbeteren voor een substantieel beter rendement, 0,1 big per zeug erbij, telt bij de groten financieel door vanwege de aantallen. Op 5.000 zeugen gaat dat om een substantieel veel groter bedrag dan bij een bedrijf met een paar honderd zeugen. Daar zet het veel minder zoden aan de dijk. Het wordt voor die groep onder de hele groten steeds moeilijker om aan te haken.”

En de andere bedrijven, wat is hun perspectief?

“Dat zijn de gezinsbedrijven. Zij willen ontwikkelen maar worden op een of andere manier tegengehouden of blijven op dezelfde manier doorwerken met een steeds krapper of geen rendement. Albert Einstein zei het al: het is niet slim om steeds hetzelfde te doen en dan andere uitkomsten te verwachten. Groei, aanhaken bij de groten, wordt financieel echter heel lastig. Het is de vraag of ze dat redden. Dat is daarom voor hen niet de toekomst. En groeien alleen omdat de buurman ook groeit, slaat natuurlijk nergens op.

Ook mijn generatie dertigers heeft nog op school geleerd, dat we het moesten hebben van verbetering van technische cijfers mede door groei en focussen op kosten. Moeten we allemaal blijven doen, maar vooral focussen op kosten gaat ten koste van kwaliteit. Van opbrengsten en kwaliteit moeten we het hebben, meer aandacht voor het dier en de mogelijkheden van het bedrijf voor een maximaal rendement. Dat soort bedrijven draait momenteel het beste. Er zijn bedrijven met 2.000 vleesvarkens die het qua rendement veel beter doen dan bedrijven groter dan 5.000 dieren.”

‘Van opbrengsten en kwaliteit moeten we het hebben, meer aandacht voor het dier en de mogelijkheden van het bedrijf voor een maximaal rendement’

Hoe kunnen die gezinsbedrijven succesrijk worden?

‘Als ze succesvol willen zijn, moeten ze grondig nadenken over de toekomst. Welk doel wil ik over tien, vijftien jaar bereiken. Wat is mijn stip op de horizon? Welke uitdaging ligt er? Zie het bijvoorbeeld als het doel om een mens op de maan te zetten. Dat is de stip aan de horizon. Door vervolgens een plan op te stellen, kun je daar taakgericht naartoe werken. Zo kun je ook als ondernemer werken. Waar wil ik als persoon met mij bedrijf naar toe? En let wel, de ondernemer moet het zelf doen en hij moet er volledig achter staan!”

Dat is makkelijk gezegd, maar hoe kom ik aan mijn stip op de horizon?

“Inderdaad niet makkelijk, maar je komt er in elk geval niet als je op je erf blijft zitten tussen vier muren, je werk doet zoals altijd en verder niet nadenkt over hoe verder. Daar begint het mee: bewustwording, nadenken over de toekomst. Dat kan lang niet iedereen alleen. Oriënteer je met vakliteratuur. Schakel adviseurs op dit vlak in. Ze zijn er. Zoek contact met andere ondernemers, lees vakbladen, ga de wijde wereld in. Ga eens op bezoek bij een bedrijf buiten de sector. Kijk eens door een bril van Google Glass. Als je zo bezig gaat, kom je op ideeën en ga je ook oplossingen zien.”

Geen groei, wat zijn dan de alternatieven?

“Er is geen ei van Columbus, maar denk aan nevenactiviteiten, aan andersoortige producten, aan niches, biologisch, iets regionaals, dat je via de plaatselijke supermarkten verkoopt, of denk aan iets totaal nieuws. Vlees met meer smaak. Topigs20 x tempo wordt in ongelooflijk veel zeugenstallen gebruikt. Waarom zoveel? Kijk ook eens naar andere kruisingen, die tot een andere kwaliteit varkensvlees leiden, waar mogelijk een markt voor is. In de tuinbouw heb je het voorbeeld van de Tasty Tom-tomaten en we hebben in de varkenshouderij het Livar-varken.

‘Kijk ook eens naar andere kruisingen, die tot een andere kwaliteit varkensvlees leiden’

Je kunt beter mensen dan koeien melken, is een gezegde.

“Dat klinkt erg zwart-wit maar zo is het in feite wel. Ook daar liggen kansen, maar kijk ook direct naar eventuele bedreigingen. Kijk naar beide. De stip aan de horizon moet passen bij de persoon en bij het bedrijf.”

Je kunt flink mistasten door een andere weg in te slaan?

‘Klopt, maar zij die het niet doen, blijven doelloos rondzwemmen in het midden en komen uiteindelijk ook geen stap verder. Natuurlijk, het kan dat je in de markt het verkeerde doel stelt met het verkeerde plan. Aan de andere kant, geluk bestaat niet. Of je succesvol bent, hangt af van de stappen die je hebt gezet met een doel voor ogen. Noem dat voor mijn part geluk.”

Dan nog, succesvol is niet voor iedereen weggelegd. Wie gaat varkenshouders vertellen dat ze niet succesvol zijn?

“Dat zal ook moeten gebeuren. We gaan er allemaal vanuit dat bedrijven wel doorgaan, maar tegelijkertijd zie je dat de race naar het einde heel hard gaat. In Brabant wordt door de aangescherpte regelgeving verwacht dat veel bedrijven stoppen. Laten we eerlijk zijn. Stoppen is ook een optie. Als je dat goed overweegt en je kijkt naar de toekomst, kan het antwoord zijn: einde verhaal. Dat is ook een weloverwogen ondernemersbeslissing.”

Hoe valt dit verhaal bij jullie klanten?

“De ondernemer moet zelf de stap zetten. Hij bepaalt of we de spiegel kunnen voorhouden. Als we merken dat ze daarvoor in zijn, weten we ze ook wel te raken. Met een aantal bedrijven gebeurt dat. Toen het slecht ging in de sector, werd naar alternatieven gekeken. Nu het beter gaat, zie je daarvoor minder aandacht, terwijl het juist nu de goede tijd is om over die stip op de horizon na te denken en er een plan voor te maken. In de hele sector is dat het geval. Wat dat betreft moeten de varkenshouders wakker worden.”

En als varkenshouders op de huidige toer doorgaan?

“Dan vrees ik dat er meer bedrijven gedwongen worden om te stoppen dan noodzakelijk”

Bram Jansen is spreker op het congres Ondernemen in de Varkenshouderij op 26 september in Veghel

 

 

Klik hier om het artikel op boerderij.nl te kunnen lezen

Bron:www.boerderij.nl/Varkenshouderij